Atheïsten slaan alarm: het verval van het christendom begint de maatschappij ernstig schade toe te brengen

Geschreven door Jonathon Van Maren op .

Amper enkele jaren geleden was de agressieve beweging van de « nieuwe atheïsten » in opmars. Onder hen waren polemisten zoals Christopher Hitchens en vermaarde biologisten zoals Richard Dawkins. Dezen namen het voortouw in de actie gericht tegen de godsdienst en de laatste restanten van het christelijk geloof in het Westen.

 

Godsdienst, volgens een beruchte verklaring van Hitchens, “vergiftigt alles” en zou in het beste geval slechts beschouwd kunnen worden als de « eerste en ergste » poging om existentiële vraagstukken op te lossen. Als dat stoffig bijgeloof door de verfrissende wind van verstand en Verlichting kon weggeblazen worden zou een fundamenteel betere maatschappij geboren worden uit zijn asse, – dat is tenminste wat men dacht.

Maar omdat het christendom steeds meer vervaagt in de achteruitkijkspiegel van onze beschaving, beginnen veel intelligente atheïsten zich te realiseren dat Verlichting slechts is kunnen slagen omdat ze een invloed op de christelijke cultuur heeft uitgeoefend. In een echt seculiere samenleving, waarin mannen en vrouwen hun leven leiden onder een lege hemel en er zich eerder aan verwachten gerecycleerd te worden dan te verrijzen, is er geen consistente morele basis om het goede van het slechte te onderscheiden. Antitheïsten zoals Christopher Hitchens bespotten en besmeurden de gedachte dat de mensheid nood had aan God om het goede van het slechte te onderscheiden, maar slechts twee generaties van Grote Secularisatie hebben volstaan om niet langer het mannelijke van het vrouwelijke te onderscheiden.

Het zou interessant zijn te weten hoe wijlen Hitchens de waanzin zou beantwoord hebben die zich sinds zijn verdwijning heeft vermenigvuldigd en of hij tenslotte zou beseft hebben, zoals sommige van zijn vrienden gedaan hebben die even goddeloos waren als hijzelf, dat men het christendom niet geloofwaardig moet vinden om zich te realiseren dat het noodzakelijk is. Douglas Murray, die zich bij gelegenheid een “christelijke atheïst” heeft verklaard, heeft openbaar gediscussieerd met de vriend van Hitchens, Sam Harris, een van de “ruiters van de Apocalyps”, en wel over de vraag te weten of een maatschappij gebaseerd op de waarden van de Verlichting eenvoudigweg mogelijk is zonder het christendom. Harris bewaart de hoop dat een dergelijke samenleving mogelijk is. Murray wordt bekoord door die gedachte maar blijft sceptisch.

Murray heeft steeds meer en meer toegegeven dat hij het atheïstisch project als hopeloos beschouwde. Toen hij onlangs mijn show vervoegde om te discussiëren over zijn laatste boek, The Madness of Crowds, heeft hij herhaald te geloven dat in afwezigheid van de seculiere capaciteit om een ethiek uit te werken over fundamentele vraagstukken als de heiligheid van het leven, we gedwongen kunnen zijn te erkennen dat terugkeer naar het geloof de beste optie is die zich aan ons aanbiedt. Hij liet opmerken dat de mogelijkheid zeer reëel is dat onze moderne opvatting over de rechten van de mens, gebaseerd als zij is op een joods-christelijke grondslag, nog maar amper gedurende enkele jaren het christendom kan overleven. Afgesneden van haar bron kan onze opvatting over de rechten van de mens uitdrogen en een zeer snelle dood sterven, waarbij ze ons laat tasten naar onze weg in de ondoordringbaar dikke duisternis.

Zonder de christelijke fundamenten van onze samenleving dringt zich opnieuw op te beslissen wat goed en slecht is en, zoals onze huidige culturele conflicten illustreren, zal onze beschaving zichzelf vernietigen alvorens hierover een consensus te bereiken. Veel optimistische atheïsten dachten tot voor kort dat eens God onttroond en verbannen was we eindelijk als volwassenen zouden kunnen leven en ons utopisch plan navolgen om een maatschappij te vestigen gebaseerd op het geloof in onszelf. Deze sceptische mensen waren ongelukkig genoeg sceptisch voor alles behalve voor de goedheid van de mensheid, ondanks het feit dat ze geen metafysische of darwinistische basis hadden voor deze eenvoudig te weerleggen hypothese. De fenomenale populariteit van Jordan Peterson is deels te wijten aan het feit dat hij erkent dat de mens in het algemeen niet goed is en dat de voorbije eeuw dat bewijst door het bloed van miljoenen slachtoffers.

Het is de ellendige mislukking van deze stelling die sommige eersterangs atheïsten ertoe brengt met tegenzin toe te geven dat het christendom noodzakelijker was dan ze dachten. Niet veel later dan in 2015 legde Richard Dwakings (auteur van The God Delusion) uit dat kinderen moesten beschermd worden tegen de godsdienstige gedachten van hun ouders en maakte hij een reeks alarmerende commentaren over de rechten van de ouders om hun kinderen op te voeden volgens de principes van hun godsdienstig geloof. Niettemin waarschuwde Dawkins in 2018 dat de “weldoende christelijke godsdienst” zou vervangen kunnen worden door iets minder weldoend, en dat we misschien een stap achteruit moesten zetten om te onderzoeken wat er zou kunnen gebeuren als de aanhangers van evangelische secularisatie erin slaagden het christendom te vernietigen of te bannen. Andere atheïsten en agnostici, van Bill Maher tot Ayaan Hirsi Ali, hebben de gevoelens van Dawkins verspreid. Het gaat om een radicale ommekeer in de tijdsspanne van enkele jaren en het feit dat atheïsten bezig zijn alarm te luiden zou een waarschuwing moeten zijn voor de christenen over de gevolgen van de op gang gebrachte secularisatie.

Dawkins heeft zich nu uitgesproken en zijn vroegere overtuiging krachtiger dan tevoren afgewezen dat het christendom uit de maatschappij gebannen zou moeten worden. Inderdaad, in de Times heeft hij gezegd dat het einde van de godsdienst — voordien zijn vurige ambitie — een vreselijk idee zou zijn, want dat “zou de mens toelaten echt slechte dingen te doen”. Ondanks het feit dat Dawkins lange tijd heeft volgehouden dat de gedachte zelf van een God van de Bijbel beschouwd als de noodzakelijke basis van de moraliteit tegelijkertijd belachelijk en choquerend is, lijkt hij nu een stap achteruit te zetten. “Mensen kunnen zich vrij voelen om slechte dingen te doen omdat ze voelen dat God niet langer naar hen kijkt”, heeft hij gezegd; hij verwees bijvoorbeeld naar de bewakingscamera’s als een manier om winkeldiefstal te ontraden. Men vraagt zich af of hij Douglas Murray gehoord heeft die eraan herinnerde dat de Russen miljoenen vermoord hebben in de vaste overtuiging dat er geen Rechter was die hen opwachtte na het bloedbad.

Dawkins gaat verder in de discussie van deze ideeën in zijn laatste boek Outgrowing God. “Of dat nu al of niet irrationeel is, het lijkt ongelukkig genoeg plausibel dat, wanneer iemand oprecht gelooft dat God kijkt naar al zijn handelingen, hij meer kans heeft om goed te zijn”, erkende hij met tegenzin. “Ik moet zeggen dat ik die gedachte haat. Ik wil geloven dat de mens beter dan dat is. Ik houd ervan te geloven dat ik eerlijk ben los van het feit of men al of niet naar mij kijkt.” Terwijl voor Dawkins die vaststelling geen afdoende reden is om in God te geloven realiseert hij zich nu dat de stelling van het bestaan van God werkelijk de maatschappij ten goede komt. Hij geeft bijvoorbeeld toe dat dit “de criminele activiteit meteen zou doen zakken”.

De bekering van Dawkins tot het geloof dat het christendom goed is— en misschien zelfs noodzakelijk — voor het harmonisch functioneren van de westerse beschaving doet ons versteld staan. Dawkins is een van de meest onverdraagzame fundamentalisten van het secularisme geweest, een man die geloofde dat men ouders het recht moest weigeren hun geloof door te geven en dat de regering actief de zijde van de atheïsten moest kiezen ten koste van de gelovigen. In enkele jaren tijd verandert zijn betoog. Hij schijnt erkend te hebben dat men niet kan rekenen op het feit dat mensen automatisch goed zouden zijn en handelen in de geest van harmonie en solidariteit die hij en zijn aanhangers, Nieuwe Atheïsten, koesteren. En als de mensheid niet inherent goed is, hoe kunnen we dan van mensen verwachten dat ze een door gelovige mannen en vrouwen gevestigde beschaving niet ten gronde richten ?

Er is maar één antwoord: we hebben God nodig.

Jonathon Van Maren is een spreker, schrijver en pro life activist. Bron: https://www.lifesitenews.com/blogs/atheists-sound-the-alarm-decline-of-christianity-is-seriously-hurting-society. Deze tekst werd uit het Frans vertaald door Hilaire De Turck. We bedanken E.H. Michel Esparza om ons dit artikel gesignaleerd te hebben.

Tags: Maatschappij Secularisatie Postmoderniteit Geloof