Een wilsverklaring voor mijn sterven (2/2)

Claude Gérard | Gepubliceerd op .

Het Europees Instituut voor Bio-ethiek nam een initiatief voor de publicatie van een “Levenseindekaart”.

 

 

In een eerste artikel omtrent dit onderwerp boog ik mij over de vraag van de wilsverklaringen die over het algemeen gepromoot worden om euthanasie te bevorderen. Op het einde van dit artikel stelde ik een andere oplossing voor — conform met de ethiek — om de eigen wensen betreffende de schikkingen bij het levenseinde, wanneer men deze zelf niet meer kan uiten, bekend te maken.

Het Europees Instituut voor Bio-ethiek publiceerde onlangs een zeer praktische variante voor deze beschikkingen, onder de vorm van een Levenseindekaart. Dit document laat toe:

  • uw vertrouwen in uw geneesheer te herbevestigen
  • zowel de therapeutische hardnekkigheid als euthanasie te weigeren
  • een vertrouwenspersoon aan te wijzen als medewerker bij het treffen van een medische beslissing
  • eventuele schikkingen te treffen voor geestelijke bijstand bij het levenseinde
  • uw voorkeur voor een begrafenis of voor een verassing te bepalen
  • uw uitspraak te doen over de vraag van het wegnemen van organen.

U kunt deze kaart bekomen:

  • ofwel door een ge-adresseerde en met zegel voorziende briefomslag te sturen naar het Europees Instituut voor Bio-ethiek, Waversesteenweg 205 te 1050 Brussel
  • door deze hier tedownloaden.

Het formaat van deze kaart laat toe ze bij u te houden, bv. in uw brieventas.

Aarzel niet om deze wijd rondom u te verspreiden: ze zal niet enkel ertoe bijdragen uw wensen omtrent uw levenseinde te doen eerbiedigen, maar ze zal ook de aanzet zijn van een nieuwe bewustwording van de waardigheid van de menselijke persoon, tegenover de euthanasie-afdwaling.

Claude Gérard is priester, burgerlijk ingenieur en doctor in de theologie. Het Europees Instituut voor Bio-ethiek neemt stelling als verwijzingscentrum voor de diverse actualiteitsvragen uit de bio-ethiek (wetgeving, medische deontologie, persartikelen, gegevens omtrent verenigingen, onthaalcentra, academische overwegingen,...) en voert een bijzondere waakzaamheid omtrent het thema van de gewetensclausule (het doorgronden van de theorie, het verzamelen van gegevens, het bezielen van contacten, enz..)